[liefdesaffaire Delft]
Pamphlet, love, minority 1664 I Eerlijcke vryaedje gepleeght by Arnoldus Bornius, predikant der Stadt Delft, omtrent juffr. Agatha Welhouck. In ‘t licht gebracht door een lief-hebber der waerheyt tot overtuyginge van die de selve tot noch halsterrighlijck hebben tegen ghesproocken. Utrecht, Nic. van der Beeck, 1664.
De affaire begon in de zomer van 1655. Dominee Arnold Bornius, een weduwnaar van rond de veertig en vader van drie kinderen, kwam al zo’n anderhalf jaar lang bij de familie Welhouck over de vloer om Agatha, haar zus Anna en hun moeder te catechiseren. Op 1 augustus 1655 deed hij per brief een huwelijksaanzoek aan Agatha, drie dagen na haar achttiende verjaardag. De tekst van de brief is bekend, want in 1664 nam Bornius hem integraal op in zijn pamflet Eerlijcke vryaedje. Bornius erkent in de brief dat er sprake is van een groot leeftijds- en standsverschil, maar dat die problemen overwonnen kunnen worden. Hij is bereid iedere huwelijkse voorwaarde te accepteren, en bij een onverhoopte afwijzing zou hij zich neerleggen. De brief gaf hij niet aan vader Welhouck maar aan Agatha, die hem moest doorgeven aan haar ouders. Daarmee was het conflict geboren. Haar vader verweet de dominee uit te zijn op het geld van zijn dochter en ontzegde hem onmiddellijk de toegang tot zijn huis. Toen Bornius in het najaar van 1655 toch een keer in huis geweest bleek te zijn, legde Welhouck een plechtige eed af: hij zou nooit instemmen met dit huwelijk, zelfs al verspeelde hij zo Gods genade.
De kwestie groeide uit tot een lang en intensief conflict tussen vader en dochter Welhouck, met om de paar jaar een crisis. De eerste crisis deed zich voor toen Agatha Welhouck en Arnold Bornius op 17 oktober 1657 hun huwelijkse voornemens lieten aantekenen ten huize van een van de commissarissen van huwelijkse zaken. Hierop weigerde haar vader nog langer deel te nemen aan het Avondmaal. Hij eiste van de kerkenraad dat deze het gedrag van de predikant zou afkeuren, en toen dat niet snel en duidelijk gebeurde, stapte hij over naar de Waalse kerk. Bovendien begon hij tegen Bornius een proces wegens smaad en schakelde hij de theologen van de Leidse universiteit in om antwoord te geven op de vraag of het een dochter wel geoorloofd was tegen de wil van haar ouders te trouwen. Uiteindelijk werd een ‘akte van temporisatie’ gesloten die inhield dat het paar moest afzien van verdere huwelijksvoornemens, maar dat Agatha wel driemaal per week onder geleide een bezoek mocht brengen aan de dominee – dat laatste was de inbreng van haar moeder geweest. Deze regeling hield drie jaar stand. In februari 1661 laaide het conflict opnieuw op nadat Agatha, inmiddels 23 jaar oud, zonder toestemming dominee Bornius had bezocht. Ze kreeg huisarrest, wist na twee dagen weg te lopen en hield zich aanvankelijk schuil bij de buren van Bornius en later in Den Haag, vanwaar ze brieven aan het gerecht van Delft schreef met de vraag of de regeling van 1658 kon worden opgeheven. Pas in december kreeg ze een afwijzend antwoord. Ze hoorde zich als een gehoorzame dochter te gedragen, moest thuiskomen en afzien van haar huwelijksplannen.
Agatha Welhouck legde haar zaak nog voor aan het Hof van Holland en uiteindelijk kwam de zaak zelfs voor de Hoge Raad, maar steeds werd haar vader in het gelijk gesteld. Na diens dood (7 februari 1665) hield haar moeder nog vijf jaar voet bij stuk. Voor alle duidelijkheid liet de stad Delft een maand na Welhoucks dood – op 3 maart 1665 – een resolutie uitvaardigen, getiteld Over den onbehoorlijken en argerlijken ommegang van Arnoldus Bornius predikant aldaar, met iuffrouw Agate Welhouk. Het argument was dat ze minderjarig was geweest toen de vrijage was begonnen.
Kinderen die zich niet bij het ouderlijk besluit wilden neerleggen, konden hun zaak voorleggen aan het gerecht of de kerkenraad van hun woonplaats, maar hadden verder geen beroepsmogelijkheden, aldus een resolutie uit 1597 die de juristen van het Hof van Holland hadden opgedoken. Zo bleef de weigering van ouderlijke toestemming dus van kracht, ook al was Agatha Welhouck nu meerderjarig. De uitspraak werd door Simon van Leeuwen met naam en toenaam opgenomen in de vijfde druk van zijn Het Rooms-Hollands-regt (1676) en is zo onderdeel geworden van de Nederlandse jurisprudentie. Van Leeuwen vat de argumenten samen waarom ouders toestemming kunnen weigeren: een ‘al te grote ongelijkheid van staat, geslacht en middelen’, mogelijke ‘ontering’ van de familie, kans op een ‘oneerlijk leven’, en het ontstaan van een onverzoenlijke haat tussen ouders en kind als de verbintenis doorgang zou vinden. Het is duidelijk dat al deze gronden volop aanwezig waren in de kwestie Welhouck.
Uiteindelijk trok Agatha Welhouck aan het langste eind, na vijftien jaar van strijd, ruzie en wachten. Het keerpunt werd ingeluid in 1667, toen Bornius in de problemen kwam omdat hij openlijk zijn steun had betuigd aan de Oranjepartij. Het stadsbestuur van Delft eiste genoegdoening en ging over tot schorsing. Nog hetzelfde jaar aanvaardde Arnold Bornius een beroep in Alkmaar en verliet Delft. Twee jaar later volgde Agatha Welhouck hem daarheen. In deze jaren moet er ook vrede zijn gesticht tussen Agatha en haar moeder, want in 1670 werd het huwelijk eindelijk gesloten. Agatha Welhouck was inmiddels 33 jaar oud, haar zo lang begeerde bruidegom moet rond de 55 zijn geweest. Zij gingen wonen in de Langestraat in Alkmaar. Bornius stierf in 1679, en in de negen huwelijksjaren die hun waren gegund kreeg het paar vijf kinderen, van wie er drie jong stierven. De twee meisjes werden Petronella gedoopt, naar Agatha’s moeder, de drie jongens kregen alle drie de naam Arnold.
In 1683 hertrouwde Agatha Welhouck met de weduwnaar Hendrick Troye, sinds 1682 predikant te Den Haag. Zij stierf op 1 mei 1715 in Den Haag en haar tweede echtgenoot stierf ruim een maand later – op 6 juni. Beiden zijn begraven in de Haagse Kloosterkerk. (Bron: resources,huygens.knaw.nl/vrouwenlexicon Els Kloek).
SKU: 54335
Knuttel 8942 (vergelijk ook 8017 en 8823); H. de Veer, Agatha Welhoek (Delft 1860); Tiele 5170; NNBW III 146. Verzameling brieven, acten, resolutien etc. betreffende de Delftse predikant Bornius (1614-1679) die de dochter van burgemeester Gerard Welhouck wilde trouwen. Dat begon in 1653 toen Agatha nog minderjarig was. Vader Welhouck probeerde dit op allerlei manieren te voorkomen. Er volgden processen. In 1663 trok Agatha bij Bornius in, maar dat werd verboden door het Delftse gerecht. In 1665 overleed vader Welhouck, in 1667 vertrok Bornius naar Alkmaar en in 1670 traden Bornius en Agatha eindelijk in het huwelijk, resp. 57 en 33 jaar oud.
€ 212,55 (€ 195,00 ex. btw)
In stock



![[Antique prints, engravings and pamphlet] Print and Announcement of the execution of J.B.F. van Gogh, on Saturday 4 April 1778.](https://arinevandersteur.nl/wp-content/uploads/55583_4-scaled-1-356x356.jpg)

![[Printed publication, 1821, Batavian Republic] Staatsregeling of Staatskundige Grondwet van de Spaansche Monarchij, Afgekondigd te Cadix den 19. Maart 1812. L. Herdingh en Zoon, Leiden, 1821, 109 pp.](https://arinevandersteur.nl/wp-content/uploads/ZZ90457-2-1-100x100.jpeg)