Sentence with secret Franco-Dutch peace negotiations
Rare English translation of a Dutch judgment published in London 1693 | The sentence of the court of Holland, Zealand and Friesland, against mr. Simon van Halewyn, burgher master of Dort and Robert de Pille du Plessis, emissary of the French king, pronounced July the 31st 1693. Containing a full account of the whole intriegue for the carrying on a peace with France, and the project of it made by the said Halewyn, “done out of the Dutch”, Londen, Richard Baldwin 1693, (2)+25+(1) pp.
Simon van Halewijn (1654–1727), burgemeester van Dordrecht, raakte in ernstige problemen doordat hij buiten de officiële diplomatieke kanalen contacten onderhield die betrekking hadden op mogelijke vredesonderhandelingen met Frankrijk. Uit de sententie blijkt dat hij naar Duitsland en Zwitserland was gereisd en daar onder meer contact zocht met de Franse diplomaat Amelot om de bedoelingen van Lodewijk XIV omtrent een algemene Europese vrede te achterhalen.
Robert de Pille du Plessis was de andere sleutelfiguur. Hij was 57 jaar oud, afkomstig uit Clamecy in Bourgondië, en was door de Franse koning gezonden om over vrede te onderhandelen. Herhaaldelijk wordt vermeld dat bekentenissen waren afgelegd “without Torture” en “without Iron-Fetters”. Daarmee presenteerde het Hof de rechtsgang nadrukkelijk als rechtmatig.
Van Halewijn werd uiteindelijk tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld en zijn goederen werden geconfisqueerd. De namen van de raadsheren van het Hof staan in het vonnis afgedrukt, onder anderen Matthijs Gool, Benjamin Fagel, Van der Meer, Johan Munter en Frederik Rosenboom. De sententie is gedateerd Den Haag, 31 juli 1693.
De Engelse publicatie moet worden gezien tegen de achtergrond van de Engels-Nederlandse personele unie onder Willem III. Nederlandse buitenlandse politiek en mogelijke geheime onderhandelingen met Frankrijk waren daarmee rechtstreeks van belang voor een Engels publiek. Er verscheen in hetzelfde jaar zelfs een afzonderlijke Dublinse herdruk bij Andrew Crook, van slechts 8 pagina’s. Hieruit blijkt de nieuwswaarde van dit vonnis voor de Britse eilanden.
Met ex-libris van de Britse ingenieur, aannemer en bibliofiel Thomas Andrew Walker (1828–1889).
Dit vonnis tegen Du Plessis betreft de veroordeling van de Franse Robbert de Pille du Plessis, die ten tijde van zijn arrestatie 57 jaar oud was, door de Franse koning naar de Republiek was gezonden. Hij reisde onder de schuilnamen Robbert du Plessis, schilder en Monsieur de Neufville, koopman in schilderijen. In werkelijkheid ging het om de bekende Franse kunstcriticus en diplomatiek agent Roger de Piles (1635–1709), die in het geheim trachtte personen te vinden die bereid waren te bemiddelen bij Franse vredesinitiatieven.
De Piles ontmoette onder anderen Simon van Halewijn in Amsterdam. Deze zou bereid zijn geweest om vredesonderhandelingen in gang te zetten via Dordrecht, dat als eerste stemgerechtigde stad in de Staten van Holland een doorslaggevende invloed kon uitoefenen op de overige gedeputeerden. De correspondentie tussen De Piles en Simon van Halewijn werd echter onderschept. Daarop werd De Piles op 8 maart 1693 in Amsterdam gearresteerd en overgeleverd aan de Staten van Holland.
Kort daarop, op 2 mei 1693, werden ook Simon van Halewijn en diens broer Cornelis Teresteyn van Halewijn aangehouden, beiden verdacht van malversaties. Cornelis kreeg huisarrest en werd bewaakt door twee boden; zijn kabinet en papieren werden verzegeld. Zijn echtgenote, Johanna Hartichvelt, diende een bezwaarschrift in omdat haar man niet binnen de wettelijk voorgeschreven drie dagen was gehoord. Na goedkeuring door de koning-stadhouder werden het huisarrest en de verzegeling uiteindelijk op 13 juli 1693 opgeheven. Cornelis had echter inmiddels de bescherming van de koning-stadhouder verloren en werd op diens bevel uit al zijn ambten ontzet. Alleen zijn functie als curator van de Leidse universiteit, die hij sinds 1690 bekleedde, mocht hij behouden.
Simon van Halewijn werd op 20 mei 1693 overgebracht naar de Gevangenpoort. Zijn moeder en zusters richtten een verzoekschrift aan het Hof van Holland met het verzoek de zaak door een lager rechtscollege te laten behandelen, maar dit rekest werd terzijde gelegd. Simon bekende de feiten, maar stelde dat hij uitsluitend het landsbelang had gediend en dat hij een door de Fransen gedaan financieel aanbod had afgewezen. Naar eigen zeggen verdiende hij eerder een standbeeld dan een strafproces.
Zowel De Piles als Simon van Halewijn werden uiteindelijk opgesloten in Slot Loevestein. De Piles besteedde zijn gevangenschap aan het schrijven van een werk over kunstschilders, dat na de Vrede van Rijswijk (1697) zou verschijnen. Simon bracht zijn tijd door met het knopen van visnetten voor de vissers uit de omgeving van Loevestein. In april 1696 wist hij te ontsnappen: via een gat onder de vloer van zijn cel bereikte hij de ondergelegen kapel en vandaar de uitgang, waarna hij over het water naar Rotterdam wist te ontkomen. Mogelijk speelde hierbij een rol dat in dat jaar een ver familielid, François van Halewijn van Werven, heer van Horvette, slotvoogd van Loevestein was.
SKU: 54990
€ 381,50 (€ 350,00 ex. btw)
In stock




























