Mythology 1662+1663 | Uitlegging over de Metamorphosis of Herschepping van P. Ovidius Nazo (= Uyt-leggingh). Door K. ver Mander, op nieus verbetert, Willem de Hout Amsterdam 1662, (12)+621+(11 register) pp. [AND] Uytbeelding der figuren, door C. van Mander, Willem de Hont Amsterdam 1662, p. 597-621 pp.
Het werk vertelt meer dan 250 mythologische verhalen, die allemaal één thema gemeen hebben: verandering (metamorfose). Mensen veranderen in dieren, bomen, bloemen, sterren, stenen of rivieren. Die gedaanteverwisselingen zijn meestal het gevolg van liefde, jaloezie, hoogmoed, straf of goddelijke tussenkomst.
Karel van Mander maakte geen letterlijke vertaling van Ovidius, maar een uitgebreide Nederlandse bewerking met verklaringen. Hij legt voortdurend uit wat de verhalen betekenen en geeft zowel een historische als een morele en allegorische interpretatie. Daarmee werd het boek toegankelijk voor een zeventiende-eeuws Nederlands publiek.
Van Mander was bovendien de auteur van het beroemde Schilder-boeck (1604). Zijn uitleg van Ovidius was daarom bijzonder belangrijk voor Nederlandse kunstenaars. Vrijwel iedere schilder uit de Gouden Eeuw kende deze uitgave of een vergelijkbare editie.