[Manuscript 1639] Letter of Lodewijk van Egmont (1600-1654), achtste graaf van Egmont, prince of Gavre (Gavere) and heer van Zottegem, d.d. Luxem (près Londre) 10-10-1639. Manuscript, folio, 2 pag.

 327,00 ( 300,00 ex. btw)

In stock

SKU: 45005 Category:
Product type: Manuscripts
Period Made: 1600-1650
Abebooks category: Manuscripts & Paper Collectibles

 

Lodewijk van Egmont (1600-1654) was de achtste graaf van Egmont en de vijfde prins van Gavere en heer van Zottegem. Lodewijk was de zoon van Karel, zevende graaf van Egmont en Maria van Lens en dus de kleinzoon van de beroemde lamoraal van Egmont. Zijn vader overleed in 1620 waarna Lodewijk hem opvolgde. In 1621 trouwde hij met Maria Margarethe van Berlaymont, samen kregen zij zoon Lodewijk Filips (1630-1682) die zijn vader in 1654 als negende graaf van Egmont opvolgde. In 1624 werd hij tot ridder van het Orde van het Gulden Vlies benoemd door Filips IV van Spanje. In 1628 stichtte hij het klooster van Peruwelz. In 1632 sloot Lodewijk zich aan bij de rebellen, die onder leiding van graaf Hendrik van den Bergh de wapens opnamen tegen de Spaanse troepen. Na hun nederlaag trok Lodewijk met zijn gezin in 1634 in ballingschap naar Parijs. Op 15 juni 1639 werd hij bij verstek veroordeeld tot de dood door onthoofding. Lodewijk vluchtte naar Engeland, hij was in 1641 aanwezig op het huwelijk van Willem II van Oranje en Maria Henriette Stuart. Deze brief is geschreven tijdens zijn verblijf in Engeland.

Philips Lodewijk van Egmont (1630-1682) trouwde op 4 augustus 1659 met Maria Ferdinanda van Croy. Dochter Maria Clara van Egmont werd op 4 februari 1661 in Brussel geboren. De andere kinderen zijn Lodewijk Ernest van Egemont, Procopo Frans van Egmont, Angelica (kanunnikes in Nijvel) en Maria-Theresia gehuwd met Jan de Trazegnies, burggraaf van Arnemuiden. In 1670 werd Philips Lodewijk benoemd tot ridder van het Gulden Vlies door Karel II van Spanje. Hij was kapitein-generaal van de cavalerie en buitengewoon ambassadeur van de Spaanse kroon aan het Engelse hof. Tussen 1679 en 1682 was hij onderkoning van Sardinië.